Publieke opinie bepalend voor pr? Vorige week waren de plofkippen al groots in het nieuws, deze week heeft Greenpeace de druk opgevoerd om kleding gifvrij te maken met de campagne ‘Fashion Victim‘. Werd je voorheen gezien als een radicale activist wanneer je actievoerende organisaties als Greenpeace en Proefdiervrij steunde? Tegenwoordig is het ‘not done’ om je ogen te sluiten wanneer je weet wat er vlak onder je neus gebeurt. In hoeverre beïnvloedt dit het pr-vak?
Individualistisch of toch niet?
We roepen natuurlijk al een tijdje met z’n allen dat de consument aan de macht is, maar steeds meer zie je de resultaten ervan ook terugkomen. Was het eerst uitsluitend de herkenbare ‘#fail‘ hashtag in je Twittercampagne, nu spelen organisaties er op in om consumenten de middelen te bieden online actie te voeren. Zichtbaar tijdens de donorweek waar mensen hun avatar konden aanpassen en persoonlijke banners konden maken, in de plofkip-actie van Wakker Dier en de detox campagne van Greenpeace.
Ondanks de individualisering van de maatschappij, zie je juist online de bundeling van krachten voor met name sympathieke doelstellingen. Online zijn we schijnbaar een stuk socialer en meer betrokken dan offline. Het is ook een stuk makkelijker. Want zeg nou zelf, zou je eerder actievoeren op straat of iets delen via je Facebook, Twitter of Google+ profiel? Bovendien is het effect op de persoonlijke status ook groter. Online ziet iedereen direct dat jij je inzet voor een bepaald doel, offline is het maar de vraag of het opgemerkt wordt. Het levert dus veel meer op om online actief te zijn.
Angst regeert?
Enerzijds heb je dus de actievoerende, maatschappelijk betrokken en sympathieke organisaties die slim inspelen op de drang van consumenten om ‘iets goeds te doen en hun steentje bij te dragen’, aan de andere kant zitten de organisaties waartegen de actie zich keert. Dan zit je toch in een hele andere positie.
Op dat moment ligt de organisatie waarvoor je werkt, zijn of haar activiteiten en misschien zelfs jij als persoon flink onder vuur. Door de publieke opinie gedwongen om de activiteiten op te schonen. Soms omdat dit al op de planning stond, maar andere keren omdat een organisatie het risico op klantverlies en permanente imagoschade niet wil nemen. Het resultaat: een positieve boost voor het imago, een podium om de klant centraal stellen en een goed gevoel bij deze klant omdat dankzij zijn inzet er iets is veranderd.
Er zijn echter ook organisaties die stug volhouden en kosten wat het kost vast blijven houden aan winst, aantal klanten en/of de eigen koers. Komen zij nu beroerder uit de strijd of niet? Online is zo vluchtig dat het nieuws binnen een paar uur alweer gedateerd is. Slechts zelden blijft een actie echt lang doorlopen en of de massa zich het incident na een tijdje nog weet te herinneren is maar de vraag.
Handboek please!
Hoe ga je daar dan mee om? Greenpeace wist al meerdere grote merken als Benetton, H&M en ZARA voor zich te winnen met hopelijk op korte termijn blijvend resultaat. AH en Jumbo hebben voorlopig nog niet toegegeven aan de campagne Wakker Dier. Wie wint er uiteindelijk en in welk handboek staat beschreven hoe hier mee om te gaan?
Crap is en blijft crap
Anno 2013 wil je natuurlijk direct roepen: “het podium dat al is gecreëerd pakken!” En tsja, wanneer een product of dienst simpelweg gewoon slecht is, blijven klachten bestaan. Zeker omdat consumenten niet meer pikken dat ze gepiepeld worden en dat bedrijven hun zakken vullen met geld ten koste gaat van het welzijn van dier en mens of het milieu. Maar hier aan toegeven heeft nog al wat implicaties voor een organisatie. Als je dat doet, moet je dus ook bereid zijn ‘all the way’ te gaan en bovendien het dusdanig te embedden in de organisatie dat het ook op lange termijn houdbaar is.
De publieke opinie heeft hiermee een steeds grotere impact over hoe we in pr ons werk doen. Niet alleen ligt alles onder een vergrootglas, we moeten ook bepalen in hoeverre we ons wel of juist niet meebewegen met de opinie. Voer je dan nog de koers van de organisatie of die van het publiek en wat is dan nog de koers van de organisatie? Weten consumenten uiteindelijk wel echt wat ze willen of is het onmogelijk om de gevolgen te overzien?